ARBEIDSONGESCHIKT

Arbeidsongeschikt.

We staan er zelden bij stil, maar iedereen loopt het risico arbeidsongeschiktheid. Wist u dat Nederland meer dan 800.000 werknemers telt die hun werk geheel of gedeeltelijk niet meer kunnen uitvoeren vanwege arbeidsongeschiktheid?

Arbeidsongeschikt raken heeft bijna altijd grote financiële gevolgen, ondanks de overheidsregelingen die er zijn. Het is daarom belangrijk om stil te staan bij de risico’s die u loopt.

Arbreidsongeschiktheidsverzekering afsluiten of niet?

Wie in loondienst werkt en geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt raakt, valt terug op een IVA- of een WGA-uitkering uit de WIA, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Voor deze collectieve arbeidsongeschiktheidsverzekering van het Rijk wordt elke maand premie ingehouden op uw loon.

Deze uitkering is altijd lager dan uw loon was. Wanneer u voor tenminste 80% wordt afgekeurd, krijgt u maximaal 75% van uw laatste salaris met een maximum van nog geen € 40.000 inclusief vakantietoeslag (2016). Verdiende u meer, dan krijgt u over het meerdere geen uitkering.

Raakt u gedeeltelijk arbeidsongeschikt, dan valt u onder de WGA en krijgt u een nog lagere uitkering. Als uw werkgever een WIA-verzekering heeft, kan dit de pijn iets verzachten. Controleer dus zeker hoe u via uw werkgever verzekerd bent tegen de gevolgen van arbeidsongeschiktheid.

Arbeidsongeschiktheidsverzekering en lastenbeschermer.

Het afsluiten van een arbeidsongeschiktheidsverzekering is voor ondernemers en ZZP een serieuze afweging. De premie van een arbeidsongeschiktheidsverzekering was vroeger vrij hoog, maar is de afgelopen jaren onder invloed van de concurrentie tussen verzekeraars gedaald. Daarmee is een arbeidsongeschiktheidsverzekering steeds beter bereikbaar geworden. Ook ZZP-ers en kleinere ondernemers sluiten daarom tegenwoordig eerder een arbeidsongeschiktheidsverzekering af.

Ook als werknemer kunt u ervoor kiezen een deel van het risico dat u loopt te verzekeren. Dat kan niet met een arbeidsongeschiktheidsverzekering, maar wel met bijvoorbeeld een maandlastenbeschermer.

Arbeidsongeschiktheidsverzekering of andere reserves?

Maar u kunt ook zelf een buffer opbouwen, bijvoorbeeld door te sparen. De voordelen daarvan zijn dat u het geld altijd ter beschikking hebt en het kan aanwenden voor het doel dat u wilt. Het nadeel is dat het langer duurt voor u een substantieel kapitaal voor noodsituaties hebt opgebouwd.

Wat voor u de beste keuze is, hangt af van uw persoonlijke situatie en uw voorkeuren. Maar gezien de ontwikkeling waarbij de overheid zich steeds verder terugtrekt en de zelfredzaamheid van burgers wil bevorderen, is het belangrijk dat u erover nadenkt. U moet nu niet direct een arbeidsongeschiktheidsverzekering of lastenbeschermer afsluiten, maar wel de risico’s en de alternatieven op een rij zetten.

Arbeidsongeschiktheid en de WIA.

Als u langer dan twee jaar ziek of arbeidsongeschikt bent, stopt uw uitkering op basis van de ziektewet. Als u na die twee jaar door uw ziekte nog maar 65% of minder van uw oude inkomen verdient, kunt in aanmerking komen voor een uitkering van het UWV. Sinds 1 januari 2004 valt u dan onder de WIA, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.

WIA: WGA EN IVA.

De WIA kent twee soorten uitkeringen, de Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) en de Inkomensvoorziening Volledig duurzaam Arbeidsongeschikten (IVA).

U valt onder de WGA als uw loonverlies minstens 35% is, maar minder dan 80%. Heeft u een loonverlies van 80% of meer, maar is er een redelijke kans op herstel? Dan is uw arbeidsongeschiktheid tijdelijk en valt u ook onder de WGA.

Alleen bij een loonverlies van minstens 80% met weinig of geen kans op herstel kunt u gebruik maken van de IVA.

Hoogte WIA-uitkeringen.

De hoogte van uw WGA-uitkering bedraagt in de eerste twee maanden 75% van het zogenaamde WIA-maandloon. Daarna daalt de uitkering naar 70% van het WIA-maandloon. Het WIA-maandloon is het gemiddelde loon dat u verdiende in het jaar voordat u arbeidsongeschikt bent geworden. Over uw WIA-uitkering bouwt u 8% vakantietoeslag op.

Als u in aanmerking komt voor de IVA, dan ontvangt u een uitkering van 75% van uw laatstverdiende loon. Hiervoor geldt net als bij de WW-uitkering een maximum in de vorm van het maximumdagloon. Ook over uw IVA-uitkering bouwt u iedere maand 8% vakantietoeslag op. Is uw inkomen uit de IVA lager dan het sociaal minimum dat voor u geldt? Dan kunt u een toeslag aanvragen bij het UWV.

Minder dan 35% loonverlies.

Heeft u als gevolg van ziekte of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid een loonverlies van minder dan 35%? Dan komt u niet in aanmerking voor een uitkering van het UWV. U blijft in dienst van uw werkgever en moet samen met hem of haar bepalen hoe u uw baan invult.

Ingrijpend.

Als u geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt wordt, is dat een ingrijpende gebeurtenis die ook nog eens flinke financiële gevolgen kan hebben.